De afdeling restauratie van antieke boeken begon vrij primitief. De nodige apparatuur ontbrak; een zo hoognodige boekenpers was er niet, zodat twee oude molenstenen hun diensten moesten bewijzen om papier en banden te persen. Gelukkig kwamen er spoedig meer opdrachten, zodat uitbreiding van ruimte en aanschaf van de nodige hulpmiddelen mogelijk werd. Dit werkte enorm stimulerend op het uitoefenen van de vaardigheden door de zusters.

In de jaren zestig werd -ook tengevolge van de vernielingen van de oorlog- internationaal meer aandacht gegeven aan archiefstukken en antieke boeken. Maar hiermee was ook de tijd van experimenteren op dit gebied aangebroken. Voor het Kunstatelier was het zaak verantwoord te werken. Bekend was dat in meerder ateliers proeven genomen werden vooral op het gebied van te gebruiken grondstoffen. Voor ons waren de verhalen soms wel aantrekkelijk, maar we werkten in opdracht van eigendommen van andere mensen, dus zorg en voorzichtigheid waren een vereiste.

Uiteraard werd er veel over boekrestauratie bestudeerd, waarbij vooral Duitse maar ook Engelse boeken een goede handleiding bleken te zijn.

Toen we hoorden van de vele goede resultaten die er bereikt werden in het restauratieatelier van de Beierse Staatsbibliotheek van München hebben we daarmee contact opgenomen. Schriftelijk en telefonisch werd de situatie uitgelegd en na een ééndaags bezoek aan de werkplaats, om alles te bespreken gingen drie zusters met Proost Broeckx naar München voor een “Kurzpraktikum” van tien dagen.

De restauratie van een oud boek begint met de studie van de eigenheid van het boek die bij de restauratie zoveel mogelijk bewaard moet blijven. Het boek wordt volledig uit elkaar gehaald. Hierna wordt het blad voor blad schoongemaakt. De afgescheurde stukken en (brand) gaten worden aangevuld en opgevuld met vezels van gelijksoortige oorspronkelijke grondstoffen; het zogenaamde aanvezelen. Voor het aanvezelen werd een installatie gebouwd naar het model van de Duitse Staatsbibliotheek en ook de daar toegepaste werkwijze werd door ons overgenomen. Door het aanvezelen ontstaat er weer een volledig blad.

Het boek wordt verder z.g. “ïngenaaid op nerven”, volgens een methode uit vroegere tijden.

Uiteraard moet ook veel aandacht besteed worden aan de band van het boek, die meestal bestaat uit met leer beklede houten platten. Van de lederen band wordt zoveel mogelijk behouden. Voor de versiering van de band kunnen voor gedeelten of voor de gehele band stempels uitgesneden worden, uiteraard naar het voorbeeld van wat er nog zichtbaar is van de oude band. Ook de koperen, zilveren hoekstukken, sloten en andere versieringen worden gerestaureerd en bij het ontbreken daarvan naar oorspronkelijk model opnieuw gemaakt en aangebracht.

De contacten met Staatsbibliotheek van München werden intussen van dien aard dat we meerdere malen terug zijn gegaan om op de hoogte te blijven van de resultaten van nieuw onderzoek en ervaringen, om deze te leren en te kunnen toepassen bij de vele restauraties van kostbare oude boeken, hier in Nederland.

Grote waardering van de kant van München kreeg Zr. Dorothea, de leidster van het Kunstatelier, voor het uitsnijden van stempels als replica van de originele band om de gerestaureerde boeken weer de historische eigenheid terug te geven die hen zo kenmerken.